Rotorua
Rotorua - vrijdag 28 april 2006

Vanochtend reden we vroeg naar Rotorua. We reden gelijk door Te Whakarewarewatangaoteopetauaawahiai. Tja, die Maori’s weten wel namen te verzinnen he! We zagen de Pohutu Geiser. De grootste en meest actieve geiser van New Zealand. We kregen een rondleiding van een vrouwelijk Maori gids, die weer duidelijk laten weten dat ze maori was, aangezien ze constant liep te schreeuwen.

We zagen de Art Gallery, een Maori stadje uit oude tijden, en verschillende houtsnijwerken. Ook zagen we hier onze eerste levende Kiwi in het Kiwi Nocturnal huis. Rare vogel toch: geen vleugels, lange snavel en het lijkt meer op een grote bol wol op poten… Jammer dat er van dit nationale beestje nog maar zo’n 2000 over zijn in het wild. De Maorigids benadrukte stevig dat zij absoluut de kiwi’s niet hebben uitgemoord: ‘In New Zealand leefden er geen beesten!’ Terwijl de geschiedenisboeken aangeven dat de voorvaderen van de Kiwi, de Moa, een gigantische struisvogel van dinosaurusafmetingen zijn uitgemoord door de Maori’s, toen ze hier aan land kwamen. We vonden het ook nogal verdacht dat er in het Kiwihuisjes, ook Maorirokjes hingen gemaakt van Kiwi-veren: hmmm.

Daarna maakte we een Maori concert mee, waar ook de haka werd opgevoerd. Waarschijnlijk dezelfde dans die de bemanningsleden van Abel Tasman gezien hadden toen ze als eerste europeanen hier aan land kwamen. Het is een gevechtsdans, waarbij de ogen worden vergroot (IK ZIE JE!) en telkens de tong wordt uitgestoken (IK VREET JE OP!). Waarschijnlijk dachten de collega’s van de heer Tasman ook: ‘He, wat leuk… Een welkomscommitee!’, terwijl ze niet door hadden dat ze met kannibalen te maken hadden.

Na Whaka gingen zijn we langs Lake Rotorua gelopen, hebben we langs Ohinemutu gelopen: een hedendaagse Maoriwijk. Ook zagen we daar de st Faith’s Anglican Church, waar christendom samengesmolten was met het Maorigeloof. Nadat we the Rotorua Government House en gardens hadden gezien, ging het weer ontzettend regen. We besloten dan ook om maar door te rijden. Het werd donker, begon te regenen en een kampeerplekje was niet te vinden. Bij een benzinepomp vroegen we een local te hulp. We hebben vannacht geslapen op de parkeerplaats van the Vintage Autobarn… Een museum. Ach, je stelt je criteria af en toe wel eens bij.

Dessert Road en Maori
Donderdag 27 april 2006 - Taupo

Aangezien het vandaag geweldig weer is, rijden we weer terug naar het Tongariro gebied. Even buiten Taupo worden we aangehouden door de politie. Alcoholcontrole om 10 uur ’s ochtends! Ik wilde al op het apparaatje blazen, maar zo geavanceerd zijn ze hier nog niet. Ik moest er in praten, maar gelukkig hadden we de sinaasappelsap van vanochtend maar niet gemengd met Wodka. Al gauw konden we weer verder gaan. Via the Dessert Road zagen we eindelijk de vulkanen in het Tongarirogebied met een zonnetje in plaats van gigantische stortbuien.

Na de natuurpracht van deze ochtend zijn we ’s middags Taupo zelf ingegaan. Een gezellig stadje met 200000 inwoners. Hoe verder naar het noorden, hoe meer je kans maakt om in aanraking te komen met de ‘originele’ bewoners: de maori’s. Toen Abel Tasman met z’n bootje rond New Zealand had gevaren, stuurde hij een bootje met 3 bemanningsleden naar het land op ontdekkingsreis. Deze stoere mannen zijn nooit wedergekeerd, maar zijn door de Maori’s opgegeten. Ze waren kanibalen in die tijd en dat is er soms nog wel van af te lezen. Ze hebben een stoer uiterlijk, zijn veelal groot en strijden nog steeds voor hun recht.

’s Middags zat ik in het Visitor Information Centre op de WC. Ik hoorde de toiletdeur naast mij opengaan. In een keer hoor ik een ferm gebrul: ‘MMMMMMMMMMMMWHOAAA!!!!’ Hevige snuifgeluiden en andere afschrikwekkende klanken, alsof er een man ingevecht was met een dinosaurus. Dus zelfs als een Maori zit te schijten, wil hij nog laten horen dat hij de oerkrijger is en dat je niet met ‘m moet sollen.

Taupo
Woensdag 26 april 2006 - Taupo

Aangezien het vandaag weer hard regende zijn we doorgereden naar Taupo. het is een leuk plaatsje met het grootste meer in New Zealand. Eigenlijk is het helemaal geen meer, maar een grote vulkaan krater. 26500 jaar geleden (zo wordt geschat) was er de Big Bang. Een enorme uitbarsting waardoor geheel New Zealand onder een 11 cm laag as kwam te liggen. Dit vredige meer zoals het er nu bij ligt doet je daar niet aan denken. New Zealand is een mooi land, maar als je weet dat het gehele land op een breuklijn ligt en het gehele landschap is gevormd door 2 continentale platen die nog steeds druk op elkaar uitoefenen, dan weet je dat er elk moment nog iets kan veranderen.

Nadat we de donderende Huka Falls bekeken hadden, gingen we naar the Craters of the Moon. Enorm landschap waar het stoom uit de aarde komt. De aardkost is hier zo dun dan je zowel een visuele- als reuksensatie krijgt. Stoom, Borrelende meertjes, maar vooral de stank. Moeder aarde is machtig, maar ze stinkt als een bunzing.

Vandaar gingen we naar het Thermische wonderland, Orakei Korako. Oke, je moet er wel even wat geld voor neerleggen, maar dan heb je ook geisers, lava-activiteiten, bubbelende modderpoeltjes, hotpools en de geweldige Ruatapu Caves.

Lekker weertje… Vreselijk!
Dinsdag 25 april 2006 - Mt Ngauruhoe

Is het jou wel eens overkomen dat als je je bed uitstapt je ineens midden in een vijver staat? Op reis maak je van alles mee. Vannacht had het zo hard geregend hier, dat ons karretje c.q. huis/slaapkamer/eetkamer/etc midden in een grote vijver stond en was weggezakt in de vulkanische bodemgrond. Een wijze les: ‘parkeer je auto nooit in een kuil in New Zealand!’ Aangezien het moeilijk is in dit land om maar 1 vlak stukje te vinden, dachten we dat we op dit plekje enigszins beschut stonden. Gelukkig was de auto nog niet geheel hopeloos weggezakt en konden we met enig doorzettingsvermogen de auto weer op het droge krijgen.

Het regende nog steeds, maar we besloten om als echte Nederlanders toch een stuk te wandelen rond de vulkaan Ngauruhoe, zoals al eerder gezegd Mt Doom uit Lord of the Rings. Het vulkanische landschap zorgde voor veel verbazingen. Verschillende lagen, wonderlijke planten, vulkanische heidebloempjes, ferns, rivieren, meertjes, watervallen. Eenmaal terug van de wandeling bezochten we nog even whakapapa en doken we weer nat de camper in. Hoewel een zekere heer Nijs een zoet liedje had over het regen dat zachtjes tegen het raam tikt, hadden wij een hardcore rockconcert buiten. Ach, soms zit het weer tegen en soms zit het mee!

Achteruitkijkspiegels en vulkanen
Maandag 24 april 2006 - Tongariro

We hebben ondanks alle constinatie toch nog heerlijk kunnen slapen, maar toen we vanochtend wegreden kwamen we er achter dat we door twee verdekt opgestelde auto’s, waaronder een landrover in de gaten werden gehouden. Hmm, toch een beetje vreemder dat Noordereiland. Vooral bij die kleine dorpjes: stelletje weirdo’s.Misschien komt het omdat we reclame maken voor de Rugby World Cup 2011, dat sommige mensen denken dat we opgefokte Mauri football spelers zijn.

Mt Taranaki is een mooie vulkaan, die lijkt op Mt Fuji in Japan. Het is ook niet voor niets dat hier the Last Samurai is opgenomen, met de hedendaagse nutcase van de amerikaanse ShowBizz, Tom Cruise. Hier in de omgeving zijn ze echt helemaal gek van dit kereltje en wordt hij vereerd als held, aangezien hij hier tijdelijk heeft gewoond, naar de bakker is geweest en zelfs een buurtbewoner heeft geholpen met een lekke band. Je hoeft als ster toch maar weinig te doen om de heldenstatus te verkrijgen.

Aangezien we de berg wel hebben gezien was het weer wat minder om de magie van deze vulkaan te tonen. We hebben nog geprobeerd om een wandeling te ondernemen, maar dit viel door flinke windstoten en een enorme regenbui zowel letterlijk als figuurlijk in het water. We besloten om dit slechte weer te spenderen op de weg en richt het Tongariro gebied te rijden. Autorijden is hier weer echt een hobby geworden. Het landschap is geweldig, de wegen zijn heuvelig en bochtig, alleen jammer dat New Zealanders autorijden. Op de snelwegen waar 100km per uur gewoon is rijden sommige echt 40 a 50. Ook zijn er geregeld vrachtwagens die de vele bergen en dalen voorzichtig moeten nemen. De wegen zijn 2-baans en met de vele bochten gaat inhalen hier soms moeilijk. Gelukkig hebben de kiwi’s hier aan gedacht door overtake lanes te creeren. Maar New Zealanders snappen niet dat als een vrachtwagen 40 rijdt en wordt achtervolgd door zo’n 30 automobilisten die er langs willen dat je op een korte inhaalstrook iets sneller moet rijden om de hele rits auto’s er voorbij te kunnen laten gaan. De vrachtwagen rijdt veertig en ze gaan er rustig met 50 langs, terwijl de rest van de automobilisten er wat beter langs zou kunnen als je 100 zou gaan rijden. Het lijkt soms net of de achteruitkijkspiegel pas 1 maand geleden is geintroduceerd en niemand er aan gewend is om dit ding te gebruiken om te kijken wat er achter je gebeurd. Maar goed, terug naar het landschap.

We kwamen tegen het eind van de middag aan in het Tongariro gebied. Mt Ruapehu liet zich in het geheel zien. Enorm met besneeuwde bergtoppen. We vonden een klein campinkje dicht bij Mount Ngauruhoe. De vulkaan die als Mount Doom is gebruikt in de film: ‘Lord of the Rings’. Je begrijpt dat ons uitzicht geheel anders was dan een camping in het oude zeeland, waar we vlak voor onze reis hadden gestaan om de laatste puntjes op de i te zetten voor deze trip.

Op naar het noorden
Zondag 23 april 2006 - Mt Taranaki

Na afscheid te hebben genomen van tante Nici en bedankt te hebben voor haar gastvrijheid, reden we langs de Kapiti Coast naar het noorden. We kwamen door kleine plaatsje met 3000 / 4000 inwoners. Het verbazingwekkende is dat je aan de rand van elk dorpje een McDonalds, KFC en Pizzahut hebt zitten, terwijl je toch zou denken dat het minimaal aantal inwoners voor deze toko’s wel wat hoger ligt.

Zo stopten we ook in Bulls. We troffen daar namelijk een Dutch Shop aan. De deur ging open en ‘Tulpen uit Amsterdam’ klonk uit de luidsprekers en werd meegezongen door de enthousiaste eigenaar. Toen hij merkte dat we uit Nederland kwamen begon hij met een Berry Stevens Accent Nederlands te praten op een manier waarop je denkt: ‘Mijn god, hier kom ik nooit meer vanaf!’ De hele Nederlandse voetbalpool werd besproken, terwijl voetbal mijn tijdens de reis niets meer intresseert. Maar goed, het was wel even leuk om zo’n Hollandse mafkees te ontmoeten en hij heeft toch weer wat Speculaas voor mij en een Puzzelboekje voor Nynke kunnen slijten.

Hoewel we op het zuidereiland bijna alleen maar hebben wildegekampeerd, werd ons dit op het Noordereiland afgeraden. Als je vraagt waarom dan hoor je van de blanke Kiwi’s dat hun donkere broeders op het Noordereiland (de Maori’s) daar meer leven. Ach, we dachten dat we in Nederland toch wel het een en ander gewend waren, dus toen we een paar uur rijden na Wanganui dicht bij Mount Taranaki een leuk strandje vonden met pikzwart zand en mooie natuur, besloten wij om op de parkeerplaats te overnachten.

Helaas werd dit wat minder rustig als we dachten, aangezien er in de regen auto’s af en aan reden. Meestal van het soort pubers, blank met petje. We voelden ons in de donkere regenachtige nacht toch wat onveilig, omdat ze kwamen aanrijden, hun lichten doofden en daar bleven staan. Waarschijnlijk was deze plek een leuke plekje voor de wat achterlijke puberjeugd alhier om zich lekker weg te trekken en te genieten van het nieuwe album van Madonna, met kleurig songtekstboekje en dito foto’s.

Uiteindelijk vielen we toch in een diepe slaap.

De meiden
Zondag 22 april 2006 - Wellington

Toch mooi om te horen dat een vrouw als onze tante Nici op 13 mei 1957 gewoon de boot nam op zoek naar het avontuur in New Zealand. En dan kom je hier en blijkt het leven in een keer weer 20 jaar terug te zijn. Oudere auto’s en alle levensmiddelen die je in Nederland in overvloed had, waren hier toentertijd nog niet te krijgen. Gelukkig is dat vandaag de dag anders en kan je gewoon bij de Woolworths pakken beschuit, speculaas en drop kopen. Dus als Nederlander voel je je hier toch al gauw thuis.

Zo ook de meiden Larissa en Elske. Op een of andere vreemde toevallige manier zijn we die verschillende malen in verschillende landen tegengekomen. Toch raar als je elkaar tegenkomt in China, Tibet, Nepal, Thailand, Vietnam, terwijl je niets hebt afgesproken. Dit keer spraken we wel af. Zij onderbraken de reis om in Wellington wat geld te verdienen en hadden hun eigen plekje gevonden. We hebben lekker zitten kletsen over onze avonturen en over de landen die we gezamelijk en los van elkaar hadden aangedaan. ’s Avonds hebben we tante Nici getracteerd op haar favoriete maal: Fish and Chips. Lekker makkelijk, want de chinees aan de overkant verkocht het. Vandaag is de laatste avond in Wellington, morgen gaan we weer ‘on the road!’

Wellington City
Vrijdag 21 april 2006

Het is wel lekker zo’n auto’tje, maar vandaag hebben we het even laten staan. We zijn lekker wezen wandelen door Wellington. Allereerst gingen we met tante Nici naar st Mary of the Angels Church. Een hele mooie oude kerk. Het is toch vreemd dat als je de Da Vinci Code gelezen hebt, dat je toch heel anders naar dit soort kerken kijkt en verbazend genoeg kwamen hier ook heel veel verwijzingen en symbolen voor die het mysterie achter het verhaal ondersteunen. Het is maar wat je wilt geloven he.

Vervolgens zijn we naar het winkelhart gelopen van Lambton Quay en the Cuba Mall, waar voor New Zealandse begrippen oude gebouwen staan (19e tot 20e eeuw) en waar je gezellige shops kunt vinden. Het ander uiterste en het toppunt van modernisme tref je op het Civic Square. Zeer modern, maar toch zeer leefbaar. De kunst in the City Gallery was voor ons toch iets te modern, vandaar dat we vaart maakten naar het nabijgelegen Queens Wharf, waar we the Events Centre en the Museum of Wellington and Sea bezochten. Indrukwekkend om te leren hoe de eerste ’settlers’ hier aan land kwamen en hoe het gesteld is met de hedendaagse scheepvaart. Daarna met the Cable Car naar boven naar the Botanical Gardens, waar we ontsnapten aan het stadsleven, lopend door de stad zagen we op Oriental Bay nog even de zon onderzakken en sprongen we op de trolley terug naar huis.

Wellington met de auto
Donderdag 20 april 2006

Wellington vinden we zelf een van de leukste steden van New Zealand. Het leeft er, maar doet soms toch een beetje dorps aan. We hebben eerlijk uitgeslapen, zonder gewekt te worden door wilde koeien, dwaze DOC-controleurs of langsrazende auto’s. Na een ontbijt van Yoghurt met Weetbix (Theo en Gerland, weten jullie het nog van Australie!) trokken we er op uit met de auto.

We parkeerden onze auto bij de New World Supermarket (For Customers only) we kochten er een saucijzenbroodje en we gooiden de tas in de bus: ‘Zo, nu zijn we klanten toch?’

We zijn naar Te Papa geweest. Een van de beste musea op het zuidelijk halfrond. Het is er geweldig, zowel leuk, interactief als leerzaam.

Daarna trokken we met de auto verder langs andere hoogtepunten van Wellington de Old St Paul Cathedral, New St Pauls Cathedral, Het parlementsgebouw, The National Library (Gratis tentoonstelling en internet) en zijn we langs Oriental Bay weer teruggereden naar tante Nici voor een lekker Fish en Chips. Typisch New Zealands, zeggen de kiwi’s!

Van Zuid naar Noord
Woensdag 19 april 2006

Gisterenavond waren we nog laat in Picton aangekomen om een kaartje te regelen voor de grote oversteek naar het Noordereiland. Bij de grote maatschappij de interislander hadden ze pas eind van de dag plek en waren de prijzen gigantisch hoog vanwege de paasvakantie… Bugger! We konden het wel bij de concurrent proberen morgenochtend en ze verwezen ons met kaart en al naar de concurrent.

Vanochtend reden we dus op de bonnefooi naar Bluebridge. 6:45 reden we de parkeerplaats op, 6:50 waren we bij de balie en 6:55 stonden we met onze auto in de rij om de ferry op te rijden. De prijs lag 100 dollar lager dan bij de concurrent. Wat hebben we toch weer een geluk!

Het mooie was ook nog dat we op de Charlotte en Marlborough Sound de zon zagen opkomen. We vaarden door de Fiorden van het Zuidereiland vandaan op open zee, waar we in de verte het Noordereiland al zagen. We werden van de boot gegooid in het hartje van de stad. Gelukkig hadden we een duidelijke kaart.

Toen ik nog een klein jongetje was, las ik in het adressenboekje van mijn moeder over tante Nici en andere familieleden in het buitenland, mensen die verre reizen maakten. Zij waren mijn grote voorbeelden, want ik dacht altijd: ‘Dat wil ik ook!’ Tante Nici is de enige die in al die tijd een aantal keer in Nederland is geweest. Tijd om haar eens op te zoeken in haar eigen land.

We stapten haar huis binnen en het was net of je Nederland binnenstapte. Hollandse schilderijtjes aan de muur, glas-en-loodwerkje van de dom in Utrecht. Feels like coming home. Met haar gastvrijheid verwendde zij ons op speculaasje (gevuld en ook die gewone met een molentje er op), drop en andere lekkernijen. Eindelijk konden we ook die stinkbus even uit en weer eens even douchen!

Page 5 of 201« First...«34567»...Last »
?>